Zelfregie

Zelfredzaamheid is in de maatschappij een nieuw toverwoord geworden. Zelf je broek ophouden en zelf regie pakken zijn de hoge idealen van een samenleving waarin individualisme gewoon geworden is. Bij House of Hope werken we met de ZRM, de zelfredzaamheidsmatrix. Het jaarverslag 2017 laat zien dat maar bij een beperkt aantal mensen via een periode van interventies op die matrix een hogere score ontstaat, gemiddeld bij 20%. Terwijl bij 10% juist een lagere score zichtbaar wordt en bij 70% geen verschil is te zien. Dat sluit niet aan bij de beleving van veel van onze cliënten en doet vragen stellen bij het beeld dat hieruit naar voren komt. Wij willen vanuit presentie samen met de bewoner, via zorgvuldig afgestemde interventies, het levenshuis aanpakken. Het doel is niet slechts individuele zelfregie, maar samen leven en kiezen en dat wat je ontving zelf doorgeven. Er zijn voor de ander. De rauwe werkelijkheid (en de vrij lage score op de ZRM) leert ons echter dat veel mensen niet tot het eind gaan komen. Zelfregie is te hoog gegrepen. Actief participeren soms ook al of zelfstandig een gever worden, komt er niet van. Juist ook voor hen wil House of Hope er zijn. Dat leidt tot een ‘matrix’ die er anders uitziet:

De basis van al ons handelen is ‘er zijn bij de ander’. Dat gaat door. Zelfs als de ander om allerlei redenen niet in staat is om zelfregie te pakken, te participeren of uit te delen, dan nog blijft onze presentie en/of de presentie van mensen en groepen waarin hij of zij verbonden is, voor die persoon een bodem. Presentie is niet alleen iets wat iedereen krijgt, ook iets waarvan we hopen dat iedereen die het ontvangt het op een bepaald niveau wil geven aan wie dat nodig heeft. Er zijn.

Vanuit de presentie ontstaat ruimte om in vertrouwen te werken aan het levenshuis. Repareren wat kapot is gegaan, herstellen wat verloren ging, vernieuwen wat versleten is. Met toewijding en aanvaarding, steen voor steen. Verantwoordelijkheid leren. Er zijn voor jezelf.

In dat herstelproces komt ook ruimte voor meer mensen. Participatie in groepen, als deelnemer of vrijwilliger wordt gestimuleerd. In de groepen leren we het spel van geven en ontvangen, dragen en gedragen worden, ruzie zoeken en het weer goedmaken. Er zijn voor elkaar.

Een deel van de mensen komt dan ook toe aan breder kijken dan de eigen situatie of groep. Ze krijgen oog voor de straat, de wijk. Ze gaan ook buiten House of Hope meedoen in de samenleving. Breder dienen: kansen zien om er op hun beurt te zijn voor de ander die hen nodig heeft. Er zijn voor anderen.

 

 

Cyclisch leren

Veel van onze mensen hebben niet een simpel probleem, dat je verhelpt met het omzetten van een knop. Als de schade aan het levenshuis is veroorzaakt door verkeerd gedrag, dan moeten er nieuwe vaardigheden geleerd worden. Het aanleren daarvan gaat langs vier fasen: voordoen, helpen, toekijken en weglopen, waarna die ander kan gaan voordoen, helpen, etc. Denk aan het leren fietsen.

  1. Voordoen. Als volwassene fiets je vrolijk rond en je kind ziet dat. Hij kijkt en zit achterop en begint te
    denken: “Dat kan ik ook!” Leren door kijken.
  2. Helpen. Het kind krijgt een eigen fiets en je houdt vast, steunt, helpt op weg, geeft adviezen, bemoedigt
    en vuurt aan. Gaandeweg gaat het beter. Leren door doen.
  3. Toekijken. Het kind krijgt vertrouwen dat het zelf wel lukt. Je vindt dat goed en blijft langs de weg
    staan. Af en toe roep je nog wat, maar het gaat steeds beter. Leren door het helemaal zelf te doen.
  4. Weglopen. Als het goed gaat kun je weg. Het kind heeft jou niet meer nodig en is nu in staat om het
    helemaal zelf te doen. Het kan op zijn/haar beurt weer iemand anders helpen fietsen door voordoen,
    helpen, toekijken en weglopen. Daar zit het cyclische dan in. Je geeft door wat je zelf leerde. Het gaat rond
    zoals de trappers van je fiets.

In dit leerproces zijn valkuilen. De eerste is dat je door de hulpverlener blijft steken in fase 1. Zij neemt alles van je over. Je kunt steeds achterover leunen en je hoort wel of haar belletjes en mails met de instanties succes hebben. Je krijgt geen enkele aandrang om te denken: “Dat wil ik ook leren!”. Bij fase 3 ligt het gevaar anders. Je hebt bewezen dat je bepaalde dingen kunt, maar je hulpverlener slaat het toekijken over en loopt direct weg. Nu voel je je alleen, onzekerheid neemt toe en het lukt niet meer. De belangrijkste leerfase is echter fase 2. Zelf doen wat je wilt gaan leren. Daar gaat het fout als je denkt dat met het komen naar House of Hope je probleem wordt opgelost. Het echte werk en het echte leren gebeurt thuis, in de situatie waarin je het ervaart, tussen de hulpgesprekken door. Het is belangrijk dat je samen met je hulpverlener in elk gesprek uitkomt bij kleine haalbare stapjes die je zelf kunt zetten in aanloop naar het volgende gesprek.

Bas Jungeriusstraat 254b
3081VS Rotterdam
KvK 24389433